Thema 2026: ‘Slagvaardig in de samenleving’
Een wereld waarin zekerheden verschuiven, vraagt om overheidsmanagers die durven bewegen. De overheidsmanager van 2026 is creatief: deze ziet kansen waar anderen beperkingen ervaren en weet – juist onder druk – nieuwe oplossingen te realiseren. De Overheidsmanager van 2026 staat midden in de samenleving en bouwt aan coalities in de breedste zin van het woord. Door uiteenlopende belangen te verbinden en nieuwe vormen van samenwerking tot stand te brengen, ontstaat beweging in maatschappelijke vraagstukken. In een omgeving waar weerstand en tegenstellingen onvermijdelijk zijn, blijft de overheidsmanager integer. Deze manager weet met energie mensen te mobiliseren en geeft ruimte aan anderen. Zo ontstaat leiderschap dat niet alleen verbindt, maar ook realiseert!
Criteria
Criterium 1: Mensgericht leiderschap
De overheidsmanager geeft individuele aandacht aan zijn of haar medewerkers en stimuleert ze om kritisch mee te denken. De overheidsmanager ‘empowert’ medewerkers, geeft hen vertrouwen en stimuleert onderlinge samenwerking. Persoonlijke kracht en diverse talenten staan hierin centraal. De overheidsmanager heeft het vermogen zich in een ander te verplaatsen waardoor medewerkers zich begrepen voelen. Hij/zij is in staat een open cultuur van leren en reflectie te creëren waardoor een werkomgeving ontstaat waar van fouten wordt geleerd.
Criterium 2: Visionair leiderschap
De overheidsmanager geeft richting, heeft een heldere visie en draagt deze uit. De overheidsmanager inspireert en motiveert medewerkers doelen te behalen en maakt helder wat hij/zij van medewerkers verwacht. De overheidsmanager stelt de maatschappelijke opgave voorop en past processen hierop aan. De overheidsmanager is in staat om ondanks wrijving en weerstand medewerkers in veranderingen mee te nemen. De overheidsmanager is in staat om het belang van de eigen organisatie in dienst te stellen van het maatschappelijk effect, sterker nog daar zelfs op te sturen via netwerkontwikkeling. De overheidsmanager werkt samen met en verbindt stakeholders, verplaatst zich in verschillende, soms tegenstrijdige perspectieven, maar houdt gezaghebbend koers.
Criterium 3: Gezaghebbende bescheidenheid
De overheidsmanager weet zijn of haar positie en prestaties in het juiste perspectief te plaatsen. Hij/zij is authentiek en zelf-reflectief en stuurt medewerkers aan op gezag, niet op macht. De overheidsmanager is daarmee een rolmodel voor anderen binnen, maar ook buiten de organisatie. De overheidsmanager stelt zich op als rentmeester, waarbij hij of zij bereid is de verantwoordelijkheid te nemen voor het groter geheel. Niet het eigenbelang maar het algemeen belang staat voorop.
Criterium 4. Maatschappelijk en politiek bewustzijn
De overheidsmanager brengt gedeeld leiderschap in de praktijk en is daarbij gericht op het breder verband en niet uitsluitend het ‘eigen’ domein. De overheidsmanager beschikt over het vermogen om via co-creatie aan publieke waarden te werken. De overheidsmanager werkt oprecht en bewust ten dienste van het algemeen belang en de maatschappelijke opgaven van de organisatie. De overheidsmanager is tegelijkertijd bewust van de zorgvuldigheid waarmee met publieke middelen omgesprongen dient te worden. De overheidsmanager is zich bewust van zijn/haar rol tussen de politiek, ambtelijke organisatie en het maatschappelijke middenveld en weet indien noodzakelijk onderwerpen te agenderen. Hij/zij is in staat de belangen tussen deze verschillende partijen af te wegen. Er wordt effectief geanticipeerd op politieke besluitvorming.